Huidkanker.be : informatie over huidkanker: melanoom, basocellulair en spinocellulair carcinoom
 
| definitie | soorten | oorzaken | diagnose | behandeling | preventie |

Oorzaken en risico-factoren van Maligne Melanoma.

Talrijke factoren kunnen een rol spelen bij het ontwikkelen van een maligne melanoma: hieronder worden de gekende risico-factoren opgesomd. Waarschijnlijk spelen ook andere, voorlopig nog ongekende, factoren een rol.
  1. Zonblootstelling


    • Tijdelijke maar intense blootstelling aan de zon, zoals een jaarlijkse reis naar het zonnige zuiden, waar men zich gedurende korte tijd blootstelt aan heel veel UV-licht.
    • Cumulatieve zonblootstelling: mensen die heel hun leven lange tijd aan de zon zijn blootgesteld. Voorbeelden zijn vissers, landbouwers, tuiniers, etc.
    • Een onafhankelijke risico-factor is zonverbranding voor de leeftijd van 18 jaar. (zie ook: Veilig Zonnen Tips)


  2. Huidtype: fototype 1


  3. Personen met een huidtype I of II hebben een verhoogde kans op huidkanker. Het fototype bepaalt in welke mate men reageert op zonlicht. De huid van mensen met fototype I of II verbrandt zeer snel bij blootstelling aan de zon en wordt nooit (fototype I) of zeer zelden (fototype II) bruin. Hun pigment-bescherming is bijzonder zwak en daardoor zijn ze extra gevoelig voor schade aan hun pigmentcellen door het UV-licht van de zon of de zonnebank.
    Voor het bepalen van uw huidtype, gebruik onze huidtype calculator

  4. Persoonlijke & familiale voorgeschiedenis


  5. Bij personen die zelf atypische/dysplastische pigmentvlekken gehad hebben of binnen hun familie mensen hebben met dergelijke pigmentvlekken, stijgt het risico op huidkanker.

  6. Talrijke pigmentvlekken (naevi)


  7. Er is een verhoogd risico op het ontwikkelen van een maligne melanoom wanneer je meer dan 100 pigmentvlekken hebt, waarvan minstens 3 atypische (zie onder Diagnose: de ABCDE-regel). Slechts ongeveer 30% van de maligne melanomen ontstaat uit een reeds bestaande pigmentvlek of naevus. De meeste ontwikkelen zich dus "de novo" of "uit het niets".

  8. Precursorletsels


    1. lentigo maligna

    2. Deze pigmentvlek komt vooral voor in het gelaat en op handruggen van oudere mensen. Ongeveer 30% van deze letsels ontaardt naar een lentigo maligne melanoma. (zie: soorten melanomen)

    3. congenitale naevus

    4. 1 tot 2% van de pasgeborenen wordt geboren met een naevus (pigmentvlek). Deze pigmentvlek kan klein zijn (< 10 cm), maar kan ook heel groot zijn (giant > 10 cm). Vooral de grotere congenitale of aangeboren pigmentvlekken houden een groter risico in op kwaadaardige ontaarding van de pigmentcellen (melanocyten).

    5. dysplastische naevus

    6. Dit is eigenlijk een histologische term, de anatomopatholoog stelt deze diagnose na het bekijken van de naevus onder de microscoop.

  9. Genmutaties


  10. 10% van de maligne melanomen hebben een genetische oorsprong. Wanneer zo'n mutatie aanwezig is in de genen van een bepaalde familie, dan komen deze huidtumoren bij meerdere familieleden voor.
    • In 60% van de gevallen zijn de exacte genen die deze mutaties veroorzaken nog ongekend.
    • In 20 tot 40% betreft het een mutatie van het CDKN2A-gen, gelegen op chromosoom 9p21.
    • Andere mutaties zijn gelegen in het CDK4-gen, P14ARF-gen (INK4A/ARF), in een gen op chromosoom 1p22.

    Nog andere mutaties kunnen aanleiding geven tot syndromen die gepaard gaan met het verschijnen van dysplastische naevi, die op zich een verhoogd risico inhouden tot het ontwikkelen van een maligne melanoma: dysplastisch naevus syndroom (B-K-mole syndrome), FAMMM -syndroom (Familial Atypical Multiple Mole - Melanoma syndrome).

 

[ laatste update: 13 september 2009 ]

 


© 2004-2015 Huidkanker.be/nl. Met medewerking van huidarts Dr. N. Lucidarme. Gelieve onze disclaimer te lezen.
Overname is strikt verboden zonder voorafgaande toestemming van de auteur.